Posts tonen met het label Zweden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Zweden. Alle posts tonen

maandag 27 november 2017

Ongekend Zweeds: Geslachtsneutrale toiletten

Een serie met kortere of langere stukjes over de typische Zweedse dingen des levens, onder de titel Ongekend Zweeds, gaat hier bij van start. Met als eerste onderwerp: Geslachtsneutrale toiletten. Want waar vrijwel overal ter wereld wc's gescheiden zijn voor man en vrouw, is dit in Zweden lang niet altijd meer het geval.

Zweedse wc's in een ziekenhuis
Hoe werkt dat dan, vraagt u zich wellicht af. Wel nu, de wc's zijn op zich zelf staande eenheden, met eigen wastafel. Er is dus geen sprake van een ruimte met gedeelde faciliteiten. Alle toiletten komen direct op de gang uit. In Zweden zijn dit soort unisex toiletten naar mijn ervaring ondertussen de norm. Enkel in café's, restaurants en opmerkelijk genoeg de IKEA, ben ik de laatste tijd nog gescheiden mannen en vrouwen-wc's tegengekomen.

Zweden voert al lange tijd een actief emancipatiebeleid en dat werpt blijkbaar ook op sanitair gebied zijn vruchten af. Ik vind het op zich wel prima en heb er eerlijk gezegd ook nog nooit klachten over gehoord. En mensen met een wat complexere gender-indentiteit hoeven zich niet meer af te vragen naar welke wc ze nou moeten.

woensdag 10 september 2014

Intermezzo: een nieuwe begin

Ik ben in wezen een moralist. Ik wil goed doen. Dat heb ik onder ogen gezien. Aan mezelf en mijn omgeving stel ik hoge eisen en ik heb ook nog de neiging ongenadig hard te oordelen. Hoewel ik dat harde oordeel niet altijd met anderen deel.

Daarnaast werd me steeds duidelijker dat ik weinig of geen voldoening uit mijn werk als promovendus haalde. En dat dat gemis een van de oorzaken van mijn somberheid was. Mijn dagelijkse bezigheden aan de universiteit drukten als een loden last op mijn schouders en hadden sterke negatieve invloed op mijn stemming. Dus besloot ik met mijn werk te stoppen. Eén grote vraag had ik echter nog niet beantwoord: In wat voor werk zou ik wél de nodige voldoening scheppen?

Ik ben bij mezelf, bij vrienden en bij een therapeut te rade gegaan om een antwoord op die vraag te vinden. Wat vind ik belangrijk? Ik wil nuttig werk verrichten. Hoe zou ik willen leven? Als een ontdekkingsreiziger met een stabiele basis. Wat is het doel? Een moreel goed leven lijden. Wat was de praktijk tot nu toe? Dat ik zoekende ben, zonder dat ik echt weet wat ik zoek.

Nadat ik me realiseerde wat ik miste, ben ik op zoek gegaan naar een manier om het moreel tekort, dat ik voelde en zo zelf ervoer, aan te vullen. Uiteindelijk was de kernzin, die ik samen met mijn therapeut vaststelde, dat ik "de maatschappij niet tot last, maar tot nut wil zijn." Dat is een harde, maar ook praktisch toepasbare zin.

De gewetensvraag bij uitstek: "What would Kant do?



In mijn vorige werk was ik de maatschappij voor mijn gevoel niet netto tot nut. Dat was uiteraard mijn gevoel. Maar wel een gevoel gebaseerd op praktische ervaringen. Als je veel positieve terugkoppelingen krijgt in je werk (bonussen, prettig klantcontact, goede evaluaties, juichende recensies, applaus), dan heb je het idee dat je het goed doet en je niemand tot last bent. Die ervaringen had ik maar mondjesmaat en eigenlijk alleen in het lesgeven (dat slechts een zeer klein deel van mijn takenpakket uitmaakte) en in sociale contacten rond het werk. Het onderzoek wat ik uit moest voeren, was in de praktijk een bron van negatieve ervaringen. En ik kreeg zo het idee dat ik mijn salaris niet verdiende, omdat ik niks significant positiefs produceerde.

Dat wilde ik dus niet meer. De eerste stap die ik nam op de weg tot het eerzaam burgerschap, was me aanmelden als bloeddonor. Het doneren van bloed was voor mij een duidelijk geval van jezelf fysiek inzetten voor het algemeen nut: de volksgezondheid. En de positieve terugkoppeling is ook aanwezig in de vorm van gratis eten en drinken en een symbolisch geschenk na afloop van het aderlaten.

Dit was de eerste stap en ik voelde me er goed bij. Dat gaf mij de moed om op dezelfde weg verder te gaan. Bloed doneer je eens in de drie maanden dat betekent dat je dus ook maar vier keer per jaar een positieve bijdrage levert. Het echte doel was natuurlijk om in de dagelijkse bezigheden een bijdrage aan de samenleving te leveren. Wat is de meest basale wijze om een bijdrage aan de samenleving te leveren? Mensen helpen die hulp nodig hebben. Dus besloot ik aan de slag te gaan in de thuiszorg.

Gelukkig beschikte ik in mijn sociale netwerk over de juiste contacten en kon ik uiteindelijk een tijdelijke voltijdbaan bemachtigen. Dat het een tijdelijke betrekking betreft, komt me eigenlijk wel goed uit. Want misschien is mijn theoretische gedachtegang over praktisch hulp bieden in de praktijk niets meer dan een theorie. Maar dat moeten we nog zien. Hoewel ik over geen enkele werkervaring in de zorgsector beschik, heb ik me de eerste twee meeloopdagen redelijk weten te handhaven. Aan het eind van deze week word ik helemaal in het diepe gegooid en dan zullen we zien of ik me naar boven weet te worstelen.

Een praktische introductie tot Kants 'categorische imperatief'.

In elk geval is het nu al een zeer interessante en leerzame ervaring. Ik heb nu nog geen idee hoe lang ik vol zal houden. Een paar maanden of een paar jaar? De kans is groot dat ik een minder directe manier vind om de mensheid tot nut te zijn, maar die wel nog beter aansluit bij mijn kwaliteiten, opleiding, ervaring en persoonlijkheid. In wezen is het schrijven van een blog in eerste instantie voor mij een oefening om mijn gedachten en emoties te ordenen en te uiten. Maar het is natuurlijk ook mogelijk dat het anderen hulp, steun en inspiratie kan  bieden. Die pretentie heb ik niet, maar dat de mogelijkheid bestaat, geeft me toch een positief gevoel.

Ik wil trouwens met mijn vertoog niet zeggen dat wetenschappelijk of enig ander werk moreel minderwaardig is. Allerminst. Ik zou ook niemand willen aanraden mijn voorbeeld te volgen. Ik heb alleen mijn omstandigheden, afwegingen en redenatie willen schetsen. Waarom ik mezelf niet geschikt acht voor werk in de wetenschap, is wellicht stof voor een ander artikel. Ik heb me eerder al wel eens door mijn negatieve gevoelens laten leiden om een hard oordeel over de wetenschappelijke praktijk te vellen. Wat ik daar schreef zei misschien wel meer over mij dan over de wetenschap.

Als afsluiter een vrolijk deuntje over tuinmeubilair:



donderdag 4 september 2014

Verkiezingshutjes

Over ruim een week, op zondag 14 september, zijn er verkiezingen in Zweden. De verkiezingen voor het nationale parlement (riksdag), de provinciale staten (landsting) en de gemeenteraden (kommunfullmäktige) vinden allemaal op dezelfde dag plaats.  Er wordt dus momenteel op alle fronten intensief campagne gevoerd. En dat is goed te merken. Niet alleen op radio, televisie en internet, maar ook in de stad.

Al weken is het centrale plein in Uppsala, Stora torget, het fysieke brandpunt voor alle campagne-activiteiten. Er zijn regelmatig sprekers en bijeenkomsten van partijen, maar het meest in het oog springend is toch wel de constante aanwezigheid van de verkiezingshutjes (valstuga, mv. valstugor) van de voornaamste partijen. De hutjes (of tenten of andere tijdelijke constructies) zijn geverfd in de partijkleuren en voorzien van campagneleuzen en zijn overdag bemand door vrijwilligers die met de geïnteresseerde burgers het gesprek aangaan.

In Uppsala is een duidelijke politieke verdeling van de hutjes over het plein zichtbaar. Stora torget wordt doorsneden door een busbaan en aan die busbaan vormt ook de politieke scheidslijn. Aan de noordzijde zijn de centrum-rechtse regeringspartijen vertegenwoordigd, samen met de extreem-rechtse Sverigedemokraterna. Aan de zuidzijde zijn de meer links georiënteerde partijen te vinden. Opvallend dit jaar is de prominente aanwezigheid van de partij Feministisk initiativ, een partij die feminisme als ideologie uitdraagt. In voorgaande jaren wisten ze nog geen potten te breken bij verkiezing, maar eerder dit jaar lukte het ze een zetel in het Europees Parlement te bemachtigen en het zou zomaar kunnen dat ze ook kiesdrempel van vier procent voor de riksdag weten te slechten.

De hutjes van de (linkse) oppositiepartijen op Stora torget in Uppsala.
Op de voorgrond het hutje van de Vänsterpartiet, vergelijkbaar met de Socialistische Partij in Nederland.
Van links naar rechts: de sociaaldemocraten, de milieupartij, het feministisch initiatief en de piratenpartij.
Drukte bij Feministisk initiativ, terwijl de hut van de piratenpartij op slot zit.
Campagneposters op de hutjes van de rechtse partijen.
Campagneactiviteiten bij de partijen van centrum-rechtse regeringsalliantie.

maandag 10 februari 2014

Schaatsen hoort niet meer thuis op de Olympische Spelen.

Leuk die Olympische Spelen, alleen jammer van dat schaatsen. Nederland raakt langzamerhand in een overweldigende staat van euforie na alweer een een-twee-drie. Ik denk echter dat de prestaties van de mannen en vrouwen in Sotsji wel enigszins in een relativerend perspectief mogen worden geplaatst. Dat van de eerste negen te vergeven medailles er zeven naar lieden van Duitschen bloed gingen, is een teken aan de wand. Langebaanschaatsen is in Nederland wintersport nummer één, maar overal elders is het op zijn best randverschijnsel. Dat het Olympisch schaatstoernooi hier in Zweden niet bepaald de tongen los maakt is nog zeer zacht uitgedrukt. Zelfs vrienden van mij die graag sport kijken weten nauwelijks van het bestaan van de discipline af.

Het Open NK van Sotsji...


Dit alles is uiteraard wel eens anders geweest. In de jaren tachtig vierde Tomas Gustafson triomfen vergelijkbaar met Sven Kramer en hij is nog altijd een bescheiden bekendheid. Toevallig kwam ik hem vorig jaar eens op de racefiets hier in de buurt tegen. Een vriendelijke man. Hij wist te vertellen dat hij vroeger wel bij zijn goede vriend Yep Kramer over de vloer kwam en daar ook wel de jonge Sven meemaakte. Maar zoals gezegd is van langebaanschaatsen als sport hier nog weinig over. Het is zeker wel een populair tijdverdrijf om op de bevroren meren er op de schaats op uit te gaan. Maar dat is dan altijd in de vorm van een soort avontuurlijk tijdverdrijf (waarbij niet zelden zelfs de met verraderlijk ijs bedekte kustwateren per schaats worden ontdekt) dan een competitieve sport. Ik zou ook niet weten of er zich überhaupt nog een 400-meterbaan in Zweden bevindt.

En ik denk dat de casus van Zweden typerend is voor veel landen. Schaatsen stelt buiten Nederland gewoon nul komma nul voor. Dat het nog altijd een Olympische sport is, heeft meer te maken met het feit dat het Internationaal Olympisch Comité een nogal conservatieve organisatie is, dan dat het nou daadwerkelijk een van de meest vooraanstaande wintersporten is. Schaatsen op de Olympische Spelen is vooral een relict uit het verleden.

Ten slotte is er nog de kwestie of de buitengewone overmacht van de Nederlandse schaatsequipe louter te verklaren is door een uitgekiende professionele voorbereiding. De Noor Lunde Pedersen liet weten dat hij zijn hand voor Sven Kramer niet in het vuur wenst te steken en de Noorse krant VG onthulde dat het in Nederland ontbreekt aan een goed doortimmerd systeem om bloeddoping tegen te gaan. Dit terwijl het wielrennen ons heeft geleerd dat bloeddoping waarschijnlijk de meest effectieve vorm van doping is, die de prestaties significant kan verbeteren en zonder een goed bloedpaspoort feitelijk niet op te sporen is.

En laat mijn insteek bij doping nou zijn dat ik vermoed dat waar rook is, vuur is. Mag ik dat zeggen? Ja, dat mag ik zeggen. Zelfs de makke NOS kon vorig jaar in de nasleep van de Armstrong-affaire niet langer ontkennen dat zelfs het ogenschijnlijk onschuldige schaatsen niet langer kon pretenderen roomser dan de Paus te zijn als het om doping ging. Zeker niet, nadat de gepensioneerde schaatsbobo zijn mond voor de camera's voorbij praatte. Zelf zou ik Sven Kramer nog wel het voordeel van de twijfel geven als boegbeeld van een nieuwe, schone, generatie, als ik niet beter wist. En helaas meen ik beter te weten. Er is mij uit betrouwbare bron ter ore gekomen dat Sven Kramer niet op een boterham met pindakaas aan de top is gekomen. Dus voor hem steek ook ik mijn hand niet in het vuur.

Nu valt wellicht nog te zeggen, dat hij nu schoon rijdt en dat rest jeugdzondes betreft. Het effect van bloeddoping houdt echter niet op na het gebruik. Het zorgt ervoor dat je harder kunt trainen en het trainingseffect is navenant groter. Hoe lang dit effect aanhoudt laat zich raden. Als een atleet jarenlang op bloeddoping hard traint, dat onder begeleiding van een arts doet en zijn lichaam niet uitwoont, dan valt te verwachten dat hij of zij ook nadat hij stopt met dopinggebruik nog altijd een sterkere fysiek heeft dan als hij zonder bloeddoping had gesport. Er is hier ook over gepubliceerd, als het relevante artikel vind, zal ik het hier invoegen. Maar los van het fysieke aspect, is iemand die willens en wetens vals speelt gedurende zijn of haar carrière mijns inziens sowieso geen waardig kampioen.

WA en Poetin spreken af: geen onverwachte controles voor Sven en Ireen.

Het wordt wat mij betreft dus tijd om de roze bril af te zetten als het om schaatsen gaat. Het is geen sport die op mondiaal topniveau wordt bedreven en de door de Nederlanders geleverde prestaties geven eerder aanleiding tot gefronste wenkbrauwen dan tot gejuich. De Nederlandse media zou er goed aan doen om de sport wat kritischer en met meer distantie te benaderen. En het IOC zou het langebaanschaatsen een wat minder prominente plek op de winterspelen kunnen geven. De vrijkomende medailles zouden dan, wat mij betreft, mooi vergeven kunnen worden aan de dames en heren veldrijders.

dinsdag 3 december 2013

Exclusief: De plannen van de Linkse Kerk om Sinterklaas definitief te verpesten

Nadat ik al eerder mijn twijfels heb geuit over de wenselijkheid van een zwarte Zwarte Piet, kan ik nu, als gevolmachtigd woordvoerder van de Linkse Kerk, de eerste plannen bekend maken over hoe het Sinterklaasfeest in het vervolg vormgegeven zal worden. Want we kunnen toch moeilijk elk jaar weer dezelfde discussie hebben. Nee, we moeten nu echt paal en perk stellen aan alle potentieel aanstootgevende en anderszins onwenselijke aspecten van het volksfeest. Daarom zal het huidige verderfelijke festijn worden omgevormd tot een educatieve en politiek-correcte traditie in lijn met het cultureel-marxisme.

Sinterklaas zelf is natuurlijk een schandalig figuur die al het slechte in de wereld vertegenwoordigt: kerk, kapitaal, kolonialisme en patriarchaat. Hem schaffen we dus meteen af. Zijn schimmel Amerigo is vermoedelijk van adel (een paard is immers een edel dier) en moet daarom als vertegenwoordiger van de bezittende klasse ook geweerd worden. Waardoor de Pieten overblijven. Uiteraard is de Linkse Kerk een groot voorstander van de massa-immigratie, dus het is niet meer dan logisch dat er elk jaar nieuwe Pieten uit Spanje en de rest van de Wereld worden gehaald en dat ze ook direct een verblijfsvergunning, uitkering, woning en auto van de staat krijgen. Dit alles gaat, zoals gewoonlijk, ten koste van de gewone man in de straat.

Volgend jaar eindelijk met pensioen!

Aangezien de hele Sinterklaas-entourage nu al een paar eeuwen voor 100% uit mannen bestaat, zullen vanaf volgend jaar alle Pieten vrouwen zijn. Over een geschikte geschikte naam voor deze Petronella's woedt binnen de Linkse Kerk nog een hevig debat. Uiteraard zullen de Petronella's geen snoep meer uitdelen en zullen alle zoete lekkernijen van staatswege verboden worden. Ook het schoen zetten zal een andere invulling krijgen. Kinderen zullen aangemoedigd worden om 's avonds voor het slapen gaan één van hun favoriete speeltjes in hun schoen te doen, waarna het door de Petronella's door een wortel vervangen zal worden. Zo zorgen we ervoor dat onze kinderen het duivelse materialisme afzweren en tot inzicht komen dat bezit gelijk staat aan diefstal.

Het hoogtepunt van Petronella-feest is en blijft natuurlijk pakjesavond op 5 december. Er zullen nog steeds gedichten geschreven moeten worden door elke aanwezige. Alleen mogen deze gedichten absoluut niet meer rijmen en moet de inhoud zodanig pretentieus en hermetisch zijn, dat ze volledig onbegrijpelijk zijn voor een ieder die niet minstens acht jaar deconstructivistische taalkunde heeft gestudeerd. Ook mogen er nog steeds surprises worden gefabriceerd, maar er wordt wel de eis gesteld dat elke surprise een conceptueel gesamtkunstwerk is, vergezeld van een postmodern manifest. Uiteraard wordt het platvloerse zingen van liedjes en het ordinaire geven van cadeaus in het vervolg achterwege gelaten.

Zo denkt de Linkse Kerk de ergste uitwassen van deze onverkwikkelijke traditie te kunnen neutraliseren, zodat vanaf volgend jaar niemand zich meer hoeft te storen aan een rijke witte man vergezeld door een stel negerslaven.

Zoals de Linkse Kerk alles wat uit Zweden komt tot voorbeeld neemt, is ook dit artikel gebaseerd op een voorbeeld uit de socialistische heilstaat.